Transformationeel leiderschap
Je team is enthousiast, maar twee weken later verandert er niets. Lees wat transformationeel leiderschap is en hoe je...
Wil je effectief communiceren? Dan is het van groot belang om te leren hoe je verbinding maakt in een gesprek. Want alleen als er verbinding is, ontstaat de bereidheid om naar elkaar te luisteren. Geweldloze communicatie is een methode om die verbinding te maken. In deze blog ontdek je hoe het werkt, hoe je het toepast en wanneer het tekortschiet.
Geweldloze communicatie is een communicatievorm ontwikkeld door Marshall Rosenberg, die respect en empathie als rode draad ziet om in verbinding te komen met elkaar. Hierdoor is er meer compassie en belangstelling om op gelijkwaardige basis een gesprek te voeren. De methode heet ook wel verbindende communicatie, in het Engels Nonviolent Communication (NVC).
Bij geweldloze communicatie gaat het er niet om wie er gelijk heeft of wat er precies is gebeurd. Maar wel om gevoelens en behoeften. Ja, je leest het goed: gevoelens. Daar hebben we het in zakelijke gesprekken vaak liever niet over. Terwijl dat juist ruimte geeft voor échte gesprekken.
Herkenbaar? Je vraagt een collega hoe het gaat. Vervolgens krijg je een hele opsomming te horen van wat er allemaal is gebeurd de afgelopen dagen. Dat zegt weinig over hoe die persoon zich voelt. Geweldloze communicatie leert je om verder te kijken dan de feiten. Vraag dus niet alleen wat er is gebeurd, maar ook hoe iemand zich daarbij voelt. Want gevoelens leiden tot behoeften. En die zijn weer de motor achter ons gedrag.
In het gesprek kom je er dus samen achter welke behoeften er wel of niet zijn vervuld. Zo weet je veel sneller hoe het met iemand gaat.
Met geweldloze communicatie verdiep je je relaties, voorkom je conflicten en word je écht gehoord. En dat is handig. Voor wie een team aanstuurt, onderhandelt met klanten of betere gesprekken wil voeren met je partner, vrienden of familie.
Marshall Rosenberg, de bedenker van deze communicatievorm, heeft een handige structuur ontwikkeld:

We lopen de stappen door met één situatie uit de praktijk. Je collega levert zijn deel van het klantrapport voor de tweede keer deze maand te laat aan. Per stap zie je een zin die misgaat en een zin die werkt.
Wat zie je gebeuren? Beschrijf de situatie zoals een camera dat zou doen: wat er gebeurde en wanneer, zonder je mening erbij. Woorden als ‘altijd’, ‘nooit’ en ‘weer’ verraden een oordeel. Daar gaat de ander zich tegen verdedigen.
Zo niet: “Je bent altijd te laat met je stukken.”
Zo wel: “We hadden afgesproken dat jouw deel gisteren om 17.00 uur klaar zou zijn. Ik heb het vanochtend binnengekregen. Het is de tweede keer deze maand.”
Hoe voel je je bij wat je waarneemt? Dit is het moment om eerlijk te zijn. Let op woorden die iets over de ander zeggen, zoals ‘genegeerd’, ‘gepasseerd’ of ‘niet serieus genomen’. Dat zijn verwijten in de vorm van een gevoel.
Zo niet: “Ik voel me niet serieus genomen.”
Zo wel: “Ik ben gespannen en ik baal ervan.”
Wat heb je nodig? Achter elk gevoel schuilt een behoefte, zoals duidelijkheid, respect, autonomie of betrouwbaarheid. Een behoefte gaat over jou. Staat er ‘dat jij’ in je zin, dan ben je al bij een oplossing die je de ander oplegt.
Zo niet: “Ik heb er behoefte aan dat jij je deadlines haalt.”
Zo wel: “Ik heb behoefte aan betrouwbaarheid. Ik wil de klant een datum noemen die klopt.”
Wat wil je dat er gebeurt? Formuleer een verzoek dat concreet en haalbaar is. Vraag om een handeling, niet om een houding. ‘Beter plannen’ is voor de ander niet uit te voeren, een melding op een vast moment wel.
Zo niet: “Je moet voortaan echt beter plannen.”
Zo wel: “Wil je me een dag voor de deadline laten weten of je het haalt? Dan zoeken we op tijd samen een oplossing.”
Let op: een verzoek is geen eis. De ander mag ook nee zeggen. Wanneer dat een probleem wordt, lees je verderop.
Achter elkaar klinkt het zo: “We hadden afgesproken dat jouw deel gisteren om 17.00 uur klaar zou zijn. Ik heb het vanochtend binnengekregen, en het is de tweede keer deze maand. Ik ben gespannen en ik baal ervan, want ik heb behoefte aan betrouwbaarheid richting de klant. Wil je me voortaan een dag voor de deadline laten weten of je het haalt?”
Stel, je hebt een collega die zijn spullen overal laat slingeren. Jij vindt het irritant. Zo pak je het geweldloos aan:
Jouw verzoek is helder en zonder oordeel. Daardoor is de kans groot dat Jan je serieus neemt. En als hij nee zegt? Dan zoek je samen naar een oplossing die voor jullie allebei werkt.
Geweldloze communicatie draait op Trek-energie. Je laat zien wat er in jou omgaat en je doet een verzoek. De ander mag nee zeggen. Precies daar ligt de grens van de methode. In drie situaties is een verzoek niet genoeg:
Dan heb je Duw-energie nodig. In het Invloedmodel® heet dat Stellen: je zegt helder wat je verwacht en wat er gebeurt als het niet lukt. Breng je dat rustig en zonder verwijt, dan blijft de relatie overeind.
Zo klinkt Stellen: “Ik heb je twee keer gevraagd om je deel op tijd te melden. Vanaf nu wil ik het uiterlijk om 12.00 uur de dag voor de deadline weten. Lukt dat niet, dan bespreek ik de planning met onze teamleider.”
De kunst is schakelen. Begin met Trek-energie om de ander te begrijpen. Stap over op Duw-energie zodra het onderwerp niet onderhandelbaar is. Dat schakelen leer je door te oefenen met Duw- en Trek-energie in Invloedrijk Communiceren®.
Geweldloze communicatie is geen truc die je in één keer perfect uitvoert. Met oefening, geduld en zelfreflectie leer je het. Begin klein. Luister in je volgende gesprek bewust naar de gevoelens en behoeften van de ander, en deel ook die van jou. Meer over communicatie op je werk lees je op onze themapagina.
Wil je onder professionele begeleiding werken aan je communicatievaardigheden? In onze training Inzicht in Invloed® leer je schakelen tussen Duw- en Trek-energie. Zo weet je wanneer je verbindt en wanneer je duidelijk bent.